Artsen moeten kindermishandeling volgens een gisteren gepresenteerde code melden tenzij ze goede redenen hebben dat niet te doen. Staat dit niet op gespannen voet met het beroepsgeheim.
Voor de derde keer in korte tijd komt een meisje met haar ouders bij de
eerstehulpafdeling van het ziekenhuis. Ze heeft weer haar arm gebroken. Een
jongetje laat in de spreekkamer van de huisarts blauwe plekken op zijn
lichaam zien waar die meestal niet voorkomen.
Zijn het ongelukken
of is hier sprake van mishandeling? De arts mag het zeggen. Moet het zeggen,
want sinds gisteren is een nieuwe meldcode kindermishandeling voor artsen
van kracht.
Was in de vorige editie van 2002 het uitgangspunt
'zwijgen tenzij', waarbij behoud van de vertouwensrelatie met de patiënt
centraal stond, nu is het adagium 'spreken tenzij'. "De code is niet
langer vrijblijvend", zegt voorzitter Peter Holland van
artsenorganisatie KNMG, samensteller van de code. Is er een vermoeden van
ongeoorloofde praktijken dan moet de medicus contact opnemen met het Advies-
en Meldpunt Kindermishandeling. Ook dient de arts bij te houden welke
stappen hij of zij heeft gezet en waarom.
Houdt een arts zich niet
aan de nieuwe meldcode dan volgen er niet direct sancties. "Maar mocht
het tot een zaak komen dan zal de tucht- of strafrechter de klacht toetsen
aan deze code", aldus de KNMG-voorzitter. Als blijkt dat een arts
moedwillig de richtlijnen heeft genegeerd dan kunnen daar wel degelijk
gevolgen aan vastzitten, zoals een waarschuwing of een schorsing.
De code lijkt op gespannen voet te staan met de zwijgplicht van artsen, maar
dat is niet zo, vindt Holland. Hij verwijst naar de Wet op de Jeugdzorg,
waarin de aanpak van kindermishandeling boven de zwijgplicht is verheven.
Medisch-ethicus Rob Houtepen van de Universiteit Maastricht ziet ook geen
problemen. In de opvattingen over het beroepsgeheim is veel veranderd de
afgelopen jaren. "De ontwikkeling van de medische ethiek volgt de
maatschappelijke veranderingen. In de jaren '80 was de opvatting dat een
arts de partner van een patiënt met aids niets vertelde. Dat is nu niet goed
denkbaar meer. De discussie is bijvoorbeeld hoe een arts omgaat met een
patiënt met chlamydia. Door die soa kunnen vrouwen onvruchtbaar raken. Veel
medici, ethici en juristen vinden nu dat de arts het de vrouw moet vertellen
als haar partner die ziekte heeft."
Dat wil niet zeggen dat
het beroepsgeheim steeds minder relevant is. In het gezondheidsrecht worden
verschillende criteria gehanteerd voor het schenden van de zwijgplicht, zegt
Houtepen. De arts moet alles in het werk stellen om de kwestie op een andere
manier op te lossen, er moet sprake zijn van ernstige schade voor een ander,
de arts moet in gewetensnood zitten, de melding moet effect hebben en het
beroepsgeheim moet zo min mogelijk geschonden worden. "In het geval van
verdenking van kindermishandeling is redelijk simpel te stellen dat het om
ernstige schade kan gaan."
De gezondheidszorg is geen gesloten
bolwerk meer, de maatschappij is de baas, zegt Houtepen. "De neiging
bestaat nu meer te melden. Misschien dat we daar over een aantal jaren
beteuterd op terugkijken, omdat het ook negatieve effecten kan hebben. Dat
moet blijken."
De artsenorganisatie heeft bewust gekozen voor
een code en niet voor een verplichting. "De arts dient een persoonlijke
afweging te maken, dat staat centraal ", zegt Holland. Houtepen vindt
dit ook een erg belangrijk punt. "De arts moet zelf kunnen besluiten of
een melding gedaan moet worden. Het beroepsgeheim kan niet zomaar aan de
kant worden gezet."
Een verplichte melding van
kindermishandeling zou kunnen leiden tot 'valse' aangiftes, omdat artsen
meer gaan melden, ook als ze sterk twijfelen, om geen risico te lopen, zo is
de vrees. Holland: "De kans wordt dan ook groter dat ouders niet meer
met hun kind naar een arts gaan omdat ze vrezen dat ze ten onrechte van
mishandeling worden beschuldigd."
Houtepen heeft met
studenten de afgelopen jaren zo'n honderd casussen rond kindermishandeling
besproken. Hij merkte dat zij geen moeite hebben met het melden van
bedreigende situaties. Maar ze vroegen zich soms wel af of het nut heeft. "
Wat heeft het voor zin als de jeugdzorg niet goed functineert, was de vraag."
Het blijft een gevoelige kwestie, het doorgeven van een verdenking van
mishandeling. Houtepen denkt dat een andere naam voor het Advies- en
Meldpunt Kindermishandeling artsen en ouders zou kunnen helpen. "Het
woord kindermishandeling zet ouders gelijk in de beklaagdenbank. Maak er
'onveilige kindsituaties' van, dan zal een arts eerder 'nietpluissituaties'
melden en is het aan ouders beter verkoopbaar. "
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




















