WERKENDAM/HANK - In de Biesbosch loopt een prachtig, onverhard pad langs boerenakkers in de polder. Jan de Hoon wandelde door de Oostwaard en ging op zoek naar de geschiedenis van de Biesbosch.
Zie ook:
Als je door de Oostwaard in de Biesbosch loopt, voel je dat de natuur en het boerenleven in evenwicht is. Het ene moment loop je langs de boerenactiviteit op het akkerland, even later passeer je grienden, killen en kreken, waar roof- en watervogels zich volop laten zien. De auto laat ik achter aan de Grote Waardweg, even buiten Werkendam.
Het is vroeg in de morgen en voor me ligt een uitgestrekte polder. Een goed gemarkeerd pad stuurt me tussen akkers door richting de Bruine Kil. Het halflange gras van de akkerrand maakt mijn schoenen tot aan mijn enkels nat.
Het Oostwaardpad, tot stand gekomen door samenwerking tussen de agrarische natuurvereniging Altena Biesbosch (ANV) en lokale boeren, is een wandeling van 23 kilometer uitgezet tussen Werkendam en Hank.
Meer dan vijftig boeren in de polder doen mee aan actief randbeheer, zoals het heet. Dit houdt in dat een rand van 4 meter langs een watergang niet wordt bemest of bespoten tegen onkruid en slechts beperkt wordt gemaaid. Door de akkerranden open te stellen, maken de boeren een uniek stuk natuur zichtbaar én bereikbaar.
We volgen het pad verder langs de loop van de Bruine Kil, met haar steile oevers een perfecte nestlokatie voor ijsvogels. Via bruggetjes steek ik kreken en sloten over. Het pad gaat zelfs door weilanden waar paarden grazen. Niet echt geďnteresseerd kijken zij op en grazen door. Ik ben niet de eerste wandelaar die ze zien.
Aan de overkant van de Bruine Kil herinnert een griendwerkershuisje aan vroegere tijden. Ik laat de Bruine Kil achter me en loop weer voor langere tijd langs akkers. Boeren zijn suikerbieten aan het oogsten. Op de een of andere manier voelt het boerenleven hier in balans met de natuur. Oude boerderijen zijn goed zichtbaar in het landschap, want ze zijn gebouwd op terpen ter bescherming tegen overstromingen.
Aan het eind van de achttiende eeuw werd de Oostwaard ingepolderd. Hierdoor ontstond een omvangrijk gebied dat gebruikt werd als gras-, hooi- en bouwland. Boeren woonden 'achter het water' en het getijde bepaalde het leven in die tijd.
Tot aan de afsluiting van het Haringvliet in 1970 waren de polders enkel via het water bereikbaar en overstroomden ze 's winters en ten tijde van springtij en zware storm. Met de afsluiting verdwenen eb en vloed, waarna de ruilverkaveling en aanleg van wegen de Biesbosch uit haar eeuwenoude isolement haalde.
In Hank ben ik zowat halverwege de Oostwaardwandeling en drink ik koffie. In dit dorp herinnert veel aan de strijd met het water, zoals de Buitendijk, waarin zich een keersluis uit 1699 bevindt. Zodra het water in de polder hoger stond dan in de Biesbosch ging de sluis automatisch open. Als de vloed de Biesbosch bereikte, sloot de sluis weer.
Het pad loopt verder langs de Bleeke Kil en via de Karnemelkspolder kom ik bij de Bakkerskil. Dit was vroeger de breedste en grootste watergang van alle Biesboschkreken en de belangrijkste verbinding tussen de Amer en de Merwede. Nu is de Bakkerskil een oase voor watervogels.
Met een trekpontje steek ik over, een milde herfstzon staat aan de hemel en de wind speelt met het riet. Aan de andere kant vervolg ik mijn weg. Ik passeer de gerestaureerde Papsluis, die samen met Fort Bakkerskil onderdeel was van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, die het westen van het land moest beschermen tegen vijandelijke indringers. Bij de Grote Waardweg vertelt mijn geparkeerde auto dat ik weer op het vertrekpunt ben van mijn wandeling.
Werkendam en Hank zijn bereikbaar per bus, maar handiger is per auto. Het Biesbosch Museum ligt 11 kilometer van Werkendam. Vanuit Werkendam gaat een bus, maar het laatste deel moet je wandelen naar het museum (40 minuten). Het Oostwaardpad heeft een eigen routeaanduiding en het is ook mogelijk delen van de route te lopen. De wandelroute is te downloaden op www.biesboschwandeling.nL
Je loopt grote delen van de wandeling onbeschut zodat zon, wind en regen vrij spel hebben. Bij nat weer kan het pad drassig zijn. In de omgeving van het museum zijn meer wandelpaden van 2 tot 13 kilometer. Als je begint in Werkendam, kom je halverwege de route door Hank, waar horecagelegenheden zijn.
Het Biesbosch Museum is van 1 april tot en met 31 oktober alle dagen geopend. Maandag van 13.00 tot 17.00 uur, dinsdag t/m zaterdag van 10.00 tot 17.00 uur en zondag van 12.00 tot 17.00 uur. Van 1 november tot en met 31 maart geopend van dinsdag tot en met zondag van 12.00 tot 17.00 uur. Van 1 april tot en met 31 oktober is het alle dagen geopend. Er zijn dagelijks rondvaarten met fluisterboten.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.















