article
1.6005892
Bredanaar Steven van Beek (33) schrijft op zijn Facebookpagina Perrongeluk en op zijn website www.perrongelukken.nl, over zijn observaties als kioskmedewerker op het station in Breda. BN DeStem publiceert elke donderdag op deze plek het nieuwste Perrongelukje van Van Beek.
Perrongeluk: Paradijs
Bredanaar Steven van Beek (33) schrijft op zijn Facebookpagina Perrongeluk en op zijn website www.perrongelukken.nl, over zijn observaties als kioskmedewerker op het station in Breda. BN DeStem publiceert elke donderdag op deze plek het nieuwste Perrongelukje van Van Beek.
http://www.bndestem.nl/extra/blogs/perrongeluk/perrongeluk-paradijs-1.6005892
2016-05-12T08:00:00+0000
http://www.bndestem.nl/polopoly_fs/1.4875754.1429775382!image/image-4875754.JPG
breda,station,Perrongeluk,gastblog
Perrongeluk
Home / Extra / Blogs / Perrongeluk / Perrongeluk: Paradijs

Perrongeluk: Paradijs

Foto's
1
Reacties
Reageer
    Bredanaar Steven van Beek (33) schrijft op zijn Facebookpagina Perrongeluk en op zijn website www.perrongelukken.nl, over zijn observaties als kioskmedewerker op het station in Breda. BN DeStem publiceert elke donderdag op deze plek het nieuwste Perrongelukje van Van Beek. 

    Paradijs “Heeey Stieven. Of Steven? Hoe spreek je het eigenlijk uit?” De jongen zal een jaar of twintig zijn, is vlot gekleed en lijkt simpelweg zin te hebben in een kort gesprekje. Hij kijkt opzichtig naar mijn naambordje. “Ah, Stee-vun, hoe is het? Leuk werk dit?”, vervolgt hij. Hij wacht m’n antwoord niet af, maar tuurt de stationshal in. Het is vandaag een prachtige dag en dus is er genoeg natuurschoon te zien. “Mij lijkt dit serieus geinig werk, vooral met dit soort temperaturen. Ik blijf even hier staan if you don’t mind. Even checken of er nog lekkere wijven voorbij lopen.”

    De jongen leunt semi-arrogant tegen het tafeltje voor de winkel. Een niet onaantrekkelijk meisje komt inderdaad op dat moment naar me toe. Ze heeft een enorme Starbucks-beker in haar hand, waar enige koffie uitgeklotst is. Er zit een dekseltje op, maar deze is flink beschadigd. “Sorry dat ik het even vraag. Ik heb hier een klein probleempje. Mag ik misschien...”, wijst ze naar de servetten. “Tuurlijk mag jij dat van Stieven. Ga je gang hoor”, is de jongen me brutaal voor. Het meisje verifieert dat bij me door een lieftallige blik.

    De jongen loopt met z’n handen in z’n zakken nonchalant haar richting op. Hij kijkt geïnteresseerd naar de naam op haar beker. “Oeh, je bent vernoemd naar de eerste vrouw op deze wereld, die perfect geweest schijnt te zijn”, verwijst hij naar het handgeschreven Eva op haar beker. Het meisje weet niet direct hoe ze moet reageren. De jongen gaat verder. “Ik zou trouwens ook een nieuw dekseltje vragen aan Stieven hier. Ja toch, Stieven?” Uiteraard overhandig ik het dekseltje. “Maar, Eva, vertel eens. Is er al een Adam in jouw leven?”

    Eva kijkt nu vermoeid naar de jongen. “M’n vriend komt er straks aan ja”, meldt ze kortaf. “Maar waar gaat de dan reis heen? Waar ligt dat Paradijs als ik vragen mag?”, houdt de jongen vol. Eva reageert op vlakke toon. “Ik wacht op m’n vriend, die komt elk moment hier aan”, antwoordt ze. De jongen haalt z’n schouders op en kijkt op z’n horloge. “Ach, ik moet zelf nu naar Rotterdam. Dag Eva, dag Stieven”, en hij loopt weg. Het meisje blijft staan. Besluiteloos en geërgerd. “Waarom... weet ik nooit hoe ik op zo’n gladjakker moet reageren? Ik moet ook naar Rotterdam. Nou ja, deze enorme beker maar leegdrinken in het zonnetje. Ik pak wel een treintje later.”