Ooit was ik katholiek, althans door mijn ouders als dusdanig ingeschreven bij het bevolkingsregister. Dus, totdat ik daar zelf iets over te vertellen dacht te hebben, gedoopt, gezalfd, de eerste communie door de strot gepropt, in de zesde klas op retraite voorgelicht door een stotterende pater.
Na de eerste klas op de Newman werden de ouders van deze puberende
brugpieper verzocht hun lastpak elders onder te brengen en dat werd
godzijdank de goddeloze Rijks HBS. Wat me van de lagere school niet
bijstaat, is dat de evolutietheorie daar ontkend werd. Wel dat de sprookjes
van paradijs en appel, de onbevlekte ontvangenis en de wederopstanding in de
godsdienstlessen werden verkondigd. Ik moet er aan denken vanwege het debat
tussen Midas Dekkers en Johan Huibers, een discussie die me als liefhebber
van Darwin zeer interesseert.
Fan van Sir Charles ben ik geworden
nadat ik zijn boek The Voyage of The Beagle aanschafte in Ushuia, Tierra del
Fuego, de meest zuidelijke stad ter wereld, in een piepklein boekenzaakje,
volgepropt met Darwin boeken en dingen. Het is het verslag van zijn vijf
jaar durende reis rond de wereld, waarin de gedachten groeiden die hij pas
decennia later zou beschrijven in zijn Origin of Species. Nauwelijks voor te
stellen dat het genie pas 22 jaar oud was toen hij aan die reis begon.
Iedereen zou dat boek eens moeten lezen, al was het maar om weerwoord te
hebben tegen de niet nadenkende, niet analyserende, niet wetenschappelijke
religieuzen die zeker weten dat de evolutietheorie een geloof is. Maar een
fout geloof omdat het niet dat van hen is.
leon.krijnen@bndestem.nl
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.
















