De 4.300 meest interessante, opmerkelijke, herkenbare of grappige Brabantse woorden zijn verzameld in het Brabants Handwoordenboek dat sinds enige tijd in de boekhandel ligt.
Prof. dr. Jos Swanenberg is de auteur en dat betekent dat het een waardevol boekwerkje is geworden. Immers: Jos is niet voor niks buitengewoon hoogleraar op de universiteit van Tilburg. Ik heb eens een college 'Diversiteit in taal en cultuur in Brabant' van hem gevolgd en gezien hoeveel plezier de studenten er hadden.
Wel echte bikkels hoor, die er zaten. En ook niet de allerjongsten, maar wie ben ik om daarover te oordelen. Over twee weken vier ik alweer voor de negende keer m'n vijftigste verjaardag.
Ook iemand in de buurt die binnenkort jarig is? En die is geïnteresseerd in dialect? Ga naar de boekwinkel en vraag naar het boekje hiernaast. Net geen 15 euro en als ze vragen om het isbn: dat is
978-90-288-0215-5. Maar liefst 250 bladzijden vol snoepjes voor de liefhebber. Wie leest er nou een woordenboek?, zou je kunnen zeggen. Nou, dat is gemakkelijk: ik dus. Ik ben er nog lang niet doorheen, maar het ligt op een plek waar ik dagelijks een paar minuten doorbreng, dus dat komt wel goed.
Pleej, staat er bijvoorbeeld in, en dat is een woord dat ze in heel Brabant kennen. Want dat is het aardige ervan: er staat precies waar de woordjes voorkomen. Te onderscheiden in Den Bosch en de Meierij, Eindhoven en de Kempen, Helmond en de Peel, Land van Cuijk, Tilburg en Midden-Brabant, en natuurlijk ons eigen West-Brabant. Dat dan weer is onderverdeeld in Markiezaats en Baronies. Achterwaark, is het eerste West-Brabantse woord (werkachterstand) en zwerdje (zwoerd) het laatste. Het is niet alleen een Brabants-Nederlands woordenboek, maar ook andersom. Waar je bijvoorbeeld kunt zien dat aanbevelen ook wel rikkemendere heet. En zwoel in Brabant zoel kan zijn.
De auteur pretendeert overigens niet dat hij een volledig naslagwerk heeft geschreven, maar hij wil ons graag laten proeven van de bijzondere Brabantse woordenschat.
Laat ik eens even over de Donge stappen, de taalgrens tussen West en Oost. In Den Bosch durven ze bijvoorbeeld tegen een kalf best kuus te zeggen. Terwijl wij hier allemaal best wel weten dat het een varken is. Of een vèrreke natuurlijk. En we hebben het hier al eerder over reepe gehad. Hoepele heet dat hier, maar rond Tilburg heet het 'uit vrijen gaan'. En in Den Bosch is een reeperd weer een rokkenjager. Maar ik geloof niet dat een West-Brabander op de Reeperbahn in Hamburg een potje gaat hoepele, dus hier en daar schuiven betekenissen zo'n beetje in elkaar. Mooi boekje.
Volgende week weer een mooi boekje: de tweede druk van Onder ons gezegd… in Brabant. Met de favoriete toptien van Brabantse schrijvers.
rose.lokhoff@bndestem.nl
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.
















