John Bas.
Volledig scherm
John Bas. © BN DeStem

Column: Rrroepie-rrroepie

En die zéér zeldzame zwartkoprietzanger maar lachen… Rrroepie-rrroepie. Het beestje bescheurt zich een bult, daar in de Biesbosch. 

Staan er plotseling tientallen volwassen mannen langs het riet voor zijn zéér zeldzame neus. 's Morgens om vijf uur. In de regen. Op een kluitje. Met hun camouflagepakken aan. Natuurlijk ziet hij ze wel, die vogelaars. Maar zij hem ondanks die enorme cameralenzen en verrekijkers gelukkig na ettelijke uren nog steeds niet. 

Enge mannetjes, vindt de zwartkoprietzanger persoonlijk. Het klinkt ook een beetje vies: vogelaars. Vooral als je het op zijn Vlaams uitspreekt. Zo ongeveer als Paul Jambers dat vroeger met hese stem op televisie deed: 'Overdag is onze Jean-Luc een doodgewone registeraccountant, in de vroege schemering is hij vogelaar.' 

De zwartkoprietzanger was daar vorig jaar nog om een stiekem voorjaarsdeuntje te fluiten. Geheid succes. Kwamen er ook allemaal van die Vlaamse vlerken tevoorschijn. En maar zoeken. Maar deze zwartkoprietzanger kijkt wel beter uit. Voor je het weet ben je gespot. 

Sta je open en bloot op de foto en delen ze die dan weer met elkaar op hun computers, die vogelaars. Ze hebben naar verluidt zo hun eigen stiekeme netwerk, door gans Europa. Sommigen worden daarvoor behandeld. Die gasten durven vrouw en kinderen niet meer onder ogen komen, omdat ze op zondag liever in hun camouflagepak de Biesbosch in duiken dan dat ze thuis met hun geliefden gewoon iets leuks gaan doen, zoals andere normale mannen. 

De zwartkoprietzanger schikt zijn bruine bovenveertjes nog eens geil glad en trekt zijn witte wenkbrauw hoog op. Stout plan: zal hij ze daarboven in hun laarzen op dat modderige wandelpad een laatste keer latensidderen? Daar is nog wel even tijd voor eer hij richting huis fladdert om zijn eigen vrouwtje weer eens een stevige lentebeurt te geven en op eieren te zetten. 

Rrroepie-rrroepie, wat is het leven van een zwartkoprietzanger toch mooi. 

Lees hier meer columns

Lees meer: Op zoek naar de zwartkoprietzanger