Volledig scherm

Column: Excellent

In totaal 184 scholen in Nederland mogen zich ‘excellent’ noemen. Dat is een ‘erkenning voor buitengewone prestaties op specifiek terrein’, lees ik. 184 scholen, dat is best veel voor zo’n superlatief, lijkt mij.

Terugdenkend aan mijn eigen jeugd: alle scholen hadden zowel excellente als bedenkelijke trekjes. De kleuterschool was fantastisch dankzij die lieve juffrouw Ans. Die het niet kon helpen dat haar bazin, een zure ‘soeur’, je maar twee velletjes wc-papier meegaf om je billetjes af te vegen en bengels in het kolenhok opsloot.

Op de eerste, dorpse lagere school leerde ik mijn brein te trainen en naast belangwekkende zaken ook belachelijk veel 'minformatie' op te slaan: nutteloze feitjes. Nadeel was dat de school zo competitief was. Wie is de beste van de klas (en wie de slechtste…)? Wie kan het snelst de tafel van 4 afraffelen? Onzinnig, en voor de mindere broeders in de klas een trauma voor het leven.

Mijn tweede lagere school was in de grote stad, maar ik deed een ferme stap terug. Van schitterend, sfeervol gebouw naar een kille keet in een nieuwbouwwijk. En van Bic ballpoint terug naar de kroontjespen! Voor een linkshandige een bezoeking, omdat je iedere keer met je schrijfhand over de nog natte inkt gleed.

De middelbare school was aanvankelijk een eldorado. Klein, onafhankelijk, ons kent ons, kleurrijke docenten, veel aandacht voor dramatische expressie en gevoel voor traditie. Een fusie maakte alles anders, de warme school werd een harteloze leerfabriek.

Brengt mij tot de vraag: wanneer en waarom is een school excellent? Achteraf kan ik zeggen dat ik veel geluk heb gehad. Ik ben uitstekend voorbereid op de rest van mijn leven. Heb veel vrienden gemaakt in mijn schooltijd, met sommigen heb ik zelfs nog altijd een warme band. Zelden of nooit ben ik gepest.

Ik wil maar zeggen, of een school excellent is, maakt de onderwijsinspectie niet uit. Dat voelen alleen leerling en leraar, en vaak pas achteraf.