Het lijk werd vorig jaar in delen teruggevonden in het Markkanaal
Volledig scherm
Het lijk werd vorig jaar in delen teruggevonden in het Markkanaal © Mainstay Media Breda

Verbijstering bij bekenden Freddy Janssen (51) om ‘bizar lage straf’: ‘Het is een lachertje’

VALKENSWAARD/BREDA - Door goede bekenden van Freddy Janssen (51) is vol ongeloof en verbijstering gereageerd op de straf die Jan B. maandag opgelegd kreeg. Voor het dumpen van het lichaam van het voormalig No Surrender-lid kreeg de topcrimineel uit Hulten de maximumstraf van twee jaar cel. Daar komt hij 'heel goed mee weg', zegt een kennis. “Hij heeft veel geluk dat er niet genoeg bewijs tegen hem ligt.”

Bovenop zijn straf kreeg B. maandag nog drie maanden voor wapenbezit. Daarmee komt zijn totale gevangenisstraf op 27 maanden te staan.

'Daar ging het al mis'
Uit onderzoek is niet vast komen te staan dat Jan B. direct betrokken was bij de dood van Janssen. Daarvoor is hij dan ook niet aangeklaagd, tot ongeloof van de familie. “Daar ging het al mis”, verzucht een goede bekende in gesprek met BN DeStem. “Iedereen weet dat deze meneer het gedaan heeft. Maar het probleem is dat we het niet kunnen bewijzen.”

Volgens de kennis moeten de familieleden van Janssen leren leven met de uitspraak. “Het is een bizar lage straf, maar we kunnen er niets meer aan veranderen. We schieten er niets mee op om hoger beroep aan te tekenen”, zegt hij. “Zo werkt het Nederlandse rechtssysteem nu eenmaal, je doet er niets aan.”

'Voor ons is het klaar nu'
Hij gaat verder: “Als B. zich voor een jury moest verantwoorden, had hij levenslang gekregen. Helaas trekken we in deze zaak aan het kortste eind. Voor ons is het klaar nu. We moeten dealen met de feiten.”

Brian de Pree, advocaat van Jan B., begrijpt de emotie en het verdriet van de nabestaanden. “Maar er zijn voldoende redenen om aan te nemen dat hij niet verantwoordelijk is voor de moord op Janssen.”

Vermissing
Janssen verdween op 9 mei vorig jaar van de aardbodem. Delen van zijn lichaam werden van eind mei tot 4 juni teruggevonden. Volgens de rechtbank was er zo'n nauwe en bewuste samenwerking van B. met minstens één ander, onbekend gebleven persoon dat er in elk geval sprake is van het medeplegen van het verstoppen van het lijk.

Of hij het nu zelf deed of iemand anders.