Volledig scherm
© Thinkstock

Toeristen laten met name Rucphen in kou staan (kaartje)

ETTEN-LEUR - Toeristen hebben Nederlandse gemeenten in 2015 bijna een kwart meer opgeleverd dan was begroot. Zundert en Rucphen daarentegen haalden aanzienlijk minder inkomsten uit de toeristenbelasting dan ze vooraf becijferden.

Dat blijkt uit een analyse van LocalFocus op basis van CBS-cijfers over de gemeentebegrotingen en -rekeningen.
Gemeenten verwachtten vooraf dat de toeristenbelasting hen in 2015 iets meer dan 165 miljoen euro op zou leveren, maar uiteindelijk bleek dat ruim 206 miljoen euro te zijn.

Gemeenten in deze regio die meer inkomsten hadden dan was begroot zijn onder meer Breda en Moerdijk (174.000, begroot was 138.000). Woordvoerster Marina Fidder van deze gemeente: "We hebben het tarief per overnachting licht verhoogd in 2015. Mogelijk is dat een van de oorzaken. Belangrijk is ook dat we in dat we er dat jaar 25.000 unieke overnachtingen bij kregen. De reden? Misschien dat mensen vaker in eigen land vakantie vieren. Willemstad is in trek, maar ook het vestingstadje Klundert wint aan populariteit. De forten zijn ook trekpleisters en we hebben een aantal haventjes dat toeristenbelasting heft." Breda, dat bijna 10 procent meer ophaalde, wijt dat aan het aantrekken van de economie.


In de min
Diverse andere gemeenten kwamen in de min uit. Grootste uitschieter in deze regio is Rucphen, waar was uitgegaan van 142.000 euro aan inkomsten uit de toeristenbelasting, terwijl dat jaar in feite maar 77.000 euro werd binnengehaald. De gemeente Rucphen was woensdag niet in de gelegenheid om een verklaring voor deze daling te geven.
Ook Zundert haalde met 136.000 euro aanzienlijk (-41.9 procent) minder op dan waar rekening mee was gehouden (234.000 euro). Volgens wethouder Piet Utens heeft dat vooral te maken met een langer verblijf van arbeidsmigranten in deze gemeente. Wanneer deze mensen langer dan drie maanden in Zundert blijven, worden ze niet meer gerekend tot de groep toeristen en dan betalen ze dús ook geen toeristenbelasting. Tweede reden is de legalisatie van Parc Patersven in 2015, waarvoor gasten van een camping feitelijk inwoners van de gemeente zijn geworden. "En daarnaast zien we ook een kleine daling van het aantal bezoekers van verblijfsaccommodaties in onze gemeente", aldus de wethouder. Dongen en Etten-Leur kwamen precies uit op het bedrag waarmee in de begroting rekening was gehouden. Iet of wat minder uit kwamen Drimmelen (- 1%), Gilze en Rijen (-3,3), Halderberge (-6), Roosendaal (-6,5) en Steenbergen (-6,3). Oosterhout en Bergen op Zoom (respectievelijk -20,2 en -12,3 %) kwamen ook op minder inkomsten uit dan begroot was. Baarle-Nassau en Woensdrecht kwamen uit op een plus: 11 en 6,7 procent, respectievelijk. Dagtoerisme
Bergen op Zoom ziet een mogelijke verklaring voor de lagere inkomsten in het feit dat een aantal campings op dit moment gesaneerd wordt. Woordvoerder Erwin Stander: "Verder moet Bergen op Zoom het vooral van dagtoerisme hebben. We doen ons best om meer mensen ook langere tijd in de stad te houden, maar daar is voor ons nog een wereld te winnen." Gat
De daadwerkelijke opbrengst van toeristenbelasting in Nederland was ook in eerdere jaren altijd meer dan begroot, maar dat verschil varieerde doorgaans tussen de vijf en tien procent. Het gat tussen begroting en realisatie is nu landelijk gezien dus aanmerkelijk groter.