Roos Voesenek wil erkenning voor het leed dat haar vader en eventuele andere Etna-slachtoffers is aangedaan door de jarenlange blootstelling aan asbest bij de Etna-fabriek in Breda.
Volledig scherm
Roos Voesenek wil erkenning voor het leed dat haar vader en eventuele andere Etna-slachtoffers is aangedaan door de jarenlange blootstelling aan asbest bij de Etna-fabriek in Breda. © Ron Magielse / pix4profs

Longread: Roos' vader stierf door asbest van 'de Etna' in Breda

BREDA - ,,Met geen wóórd wordt gerept over het feit dat er met asbest werd gewerkt. Met geen wóórd. Wat in het boek staat is allemaal waar, maar de zwarte bladzijde ontbreekt.’’ Roos Voesenek-Verwaters uit Breda doelt op het boek 160 jaar ‘’Etna’’ Breda, dat begin deze maand verscheen.

Als ze haar verhaal doet, emotioneel maar beheerst, komt zichtbaar de woede naar boven die ze voelde toen ze het boek las. Want door asbest verloor Voesenek in februari 2016 haar toen 80-jarige vader, bij wie een jaar eerder longvlieskanker - ofwel asbestkanker - werd vastgesteld. ,,En hoeveel mensen zijn daar wel niet aan gestorven inmiddels? Of weten misschien niet eens dat ze daaraan gestorven zijn. Want bij de Etna werkten zoveel mensen en al zijn collega’s zijn intussen dood. Vroeger wisten ze toch vaak niet eens waar iemand aan overleed.’’

160 jaar ‘’Etna’’ Breda belicht de geschiedenis van de Bredase ijzergieterij die in 1856 werd opgericht door Cornelis Klep. De gieterij die uitgroeide tot producent van onder meer kachels en fornuizen en een van de grootste werkgevers werd van Breda. Op haar hoogtepunt bood de fabriek werk aan zo’n 1.600 werknemers, onder wie Voeseneks vader, Jan Verwaters, die van 1956 tot 1967 als onderhoudsmonteur in de fabriek werkte. ,,De Etna was een hele goede werkgever. Dat hebben mijn ouders altijd gezegd’’, vertelt Voesenek. ,,Prachtige personeelsfeestjes, mooie uitjes, allerlei clubs. Sommige bestaan zelfs nog steeds.’’

Longklachten

Haar vader was al geruime tijd met pensioen toen hij op zijn 79e longklachten kreeg. Benauwdheid, hoesten. Na allerlei onderzoeken in het ziekenhuis kwam de diagnose op 14 februari 2015 als een donderslag bij heldere hemel. Hij had longvlieskanker. Voesenek: ,,De dokter zei: ‘Mijnheer, u hebt een mesothelioom’. Een heel ernstige vorm van kanker, waar ze niets aan kunnen doen en die wordt veroorzaakt door asbest. Het is absoluut dodelijk en het is een verschrikkelijke manier om te sterven.’’

Bij Voesenek gingen meteen de alarmbellen rinkelen. Ze herinnerde zich de verhalen die haar vader altijd had verteld over zijn werk bij ‘de Etna’, zoals de fabriek altijd werd genoemd. Als onderhoudsmonteur kwam hij vaak en veel in aanraking met asbest en astbeststof. ,,Het ergst waren de inductieovens. Die waren geïsoleerd met grote platen asbest die door de hoge temperaturen in de oven uitdroogden, verbrokkelden en daarom elke maand moesten worden vervangen. Daar kwamen grote wolken asbeststof bij vrij. Werknemers stonden daarin te werken zonder enige bescherming als mondkapjes, afzuiging of ventilatie. Mijn vader kwam soms grijs van het stof thuis. Ik weet nog dat ik zijn kleren wel eens moest uitkloppen. Wie weet heb ik het ook wel, kan toen ook vezels ingeademd hebben.’’

Voesenek nam namens haar vader contact op met het Instituut Asbestslachtoffers (IAS). Nadat daar een dossier was opgemaakt over zijn ziekte en arbeidsverleden, werd haar vader officieel erkend als asbestslachtoffer en kreeg hij een eenmalige uitkering van circa 19.000 euro van de Nederlandse staat. ,,Maar wat doe je daarmee? Mijn moeder, die zeer hulpbehoevend is, heeft daardoor een traplift van 10.000 euro aan moeten schaffen omdat mijn vader haar niet meer kon helpen. Hij was altijd haar mantelzorger.’’

Haar vader probeerde intussen ook ATAG Nederland B.V. - sinds 2000 eigenaar van de merken ETNA, ATAG en Pelgrim - nog aansprakelijk te stellen. In mei 2015 stuurde hij een brief aan ATAG Nederland in Duiven, waarin hij het bedrijf formeel aansprakelijk stelde. Tevergeefs. ATAG stelde zich op het standpunt dat het alleen de merknaam had overgenomen en niet het bedrijf. Het nam daarom niet de rechten en plichten over en een schadevergoeding zat er niet in.

Verbijsterd

Nadat de procedure bij het IAS was afgerond in oktober 2015, hoopte Voesenek dat de storm wat was geluwd. Ze wilde rust om haar vader bij te kunnen staan. Totdat ze op de website van Etna kwam - ,,tja, ik kan dat googelen toch niet laten’’- waar trots werd verhaald over het 160-jarig bestaan van het bedrijf. Zonder dat er ook maar iets werd gezegd over de schaduwkanten. ,,Ik werd letterlijk misselijk van verdriet, en woest.’’ Zó woest dat ze een woedende e-mail stuurde naar het bedrijf, dat haar direct uitnodigde voor een gesprek met toenmalig directeur Rob Meenink. Een gesprek waarin ze - nogmaals - te horen kreeg dat ATAG Nederland niets voor haar vader kon doen omdat het alleen de merknaam Etna had overgenomen, niet het bedrijf met bijbehorende rechten en plichten. Toch ging ze met een goed gevoel weg. Want ze had het gevoel dat haar verhaal serieus was genomen. Ook stuurde Meenink haar vader eind november namens ATAG Nederland een brief, waarin hij schreef dat het bedrijf bezig was met onderzoek naar de historie van het Etna: ‘Wij zullen de historicus die met het onderzoek bezig is daarom opdracht geven om ook aan deze kant van de Etna-historie uitdrukkelijk aandacht te besteden in het boek. Het zou ons een eer zijn indien wij uw situatie mogen beschrijven en vastleggen in de officiële geschiedenis van Etna.’ Voor Voesenek een bevestiging dat er naar haar was geluisterd.

Ze was dan ook verbijsterd toen begin deze maand het boek werd gepubliceerd en ze daar geen letter tegenkwam over het asbest. Ze nam contact op met de schrijver van het boekje, Bredanaar Jorgen Janssens. Die meldde haar dat hij nooit een verzoek van ATAG had ontvangen om aandacht te besteden aan het astbestverhaal in z’n algemeenheid of het verhaal van Jan Verwaters in het bijzonder. ,,Dat was voor mij olie op het vuur. Ik wil nu dat het wereldkundig wordt gemaakt wat daar is gebeurd. Etna was een mooi bedrijf, maar er is een zwarte bladzijde. En die moet ook in dat boek. Ter nagedachtenis aan mijn vader en aan andere slachtoffers.’’

Reactie ATAG: Er komt herdruk, mét asbestverhaal

Jorgen Janssens, de schrijver van het boek, kreeg begin 2015 van ATAG Nederland B.V. opdracht onderzoek te doen naar de historie van Etna Breda, omdat het merk 160 jaar zou bestaan in 2016. ,,Ik heb nooit een verzoek van ATAG gekregen om iets over asbest te schrijven, want dan had ik er wel iets mee gedaan.’’ Robert Kapteijn, Chief Sales Officer bij ATAG Nederland B.V., bevestigt het verhaal van Janssens. ,,Degene die de toezegging deed aan Jan Verwaters en de excuusbrief stuurde was toenmalig directeur Robert Meenink. Die werkt hier niet meer sinds juni 2016. We zijn er inmiddels achter gekomen dat de heer Meenink spijtig genoeg ook verzuimd heeft om Jorgen Janssens te informeren over dit verhaal ondanks zijn schriftelijke toezegging in november 2015. Onze nieuwe directeur was tot nu toe niet op de hoogte.’’ De directie van ATAG heeft, nadat BN DeStem het verhaal van Roos Voesenek en de brief aan haar vader onder haar aandacht bracht, inmiddels besloten het boek op eigen kosten te laten herdrukken. Kapteijn: ,,Het is een uiterst pijnlijk verhaal en wij betreuren enorm dat dit gebeurd is. Het is de erkenning waar het om draait. We hebben de schrijver van het boek daarom gevraagd om de toezegging alsnog na te komen. Hij zal een passage toevoegen over het asbestverhaal van de heer Verwaters, in het hoofdstuk waarin dat het beste past. Wij zullen de familie hierover informeren en haar een aantal exemplaren van het boek doen toekomen.’’ Kapteijn verwacht dat de herdruk dit kwartaal verschijnt.

Wilt u reageren op dit verhaal? Stuur dan een mail naar redactie@bndestem.nl.