Kerstbijlage, Toine Bakermans

Geboren in Breda, woont in Rotterdam, 57 jaar, woont samen, twee dochters, drie kleinkinderen (een op komst, 17 dec uitgerekend), docent beeldende kunst en vormgeving, ex-crimineel. Heeft zo’n twintig jaar in de gevangenis gezeten voor bankovervallen.

Je moet jezelf een doel stellen

,,In de jaren tachtig was ik echt een plaag. Ik heb zo’n zestig, zeventig banken overvallen. Als je weet hoe makkelijk het gaat, doe je het nog een keer. Totdat het fout gaat. Al met al heb ik, met tussenpozen, zo’n twintig jaar vastgezeten. In ‘99 heb ik voor het laatst een bank beroofd. Het werd steeds minder aantrekkelijk, want er was steeds minder te halen. Banken hadden steeds minder geld in huis. In het begin maakten we met z’n tweeën zo maar 120.000 gulden buit, dan ga je met 60.000 naar huis. Op het laatst was het nog maar 10.000 hooguit 15.000. Ik vond dat ik niemand beschadigde als ik een bank beroofde. Ik had wel een vuurwapen bij me, maar dat heb ik nooit gebruikt. Alleen mee gedreigd. Een keer begon een oude vrouw heel erg te huilen tijdens een overval. Toen heb ik gevraagd of iemand even een glaasje water voor haar kon halen. Het personeel probeerde tijd te rekken, maar daar trapte ik niet in. Ik wist dat ik 45 seconden had, omdat informatie over de beveiliging altijd in dossiers stond die naar mijn advocaat werden gestuurd. Ik las ze ook. Wist precies wat wel en niet kon. De omslag kwam toen ik in de gevangenis zat en daar een humaniste tegenkwam. Daar had ik al jaren een goede band mee. Zij zei een keer dat ik een lafaard was omdat mensen had bedreigd. Daar ga je dan toch over nadenken, want je wilt geen lafaard zijn. Dacht: ik ben toch een stoere jongen? Maar dan zit je ‘s avonds in je cel en dan ga je daar toch over nadenken. Dan denk je: daar moet ik toch wat mee doen. Ik had in de gevangenis ook uren dat ik crea kon doen. Dat lag me wel. Op een gegeven moment werd ik hulp van de docent en heb ik hem vervangen toen hij met vakantie was. Dat ging zo goed, dat ze aan me vroegen waarom ik geen docentencursus ging doen. Maar omdat ik geen middelbare schooldiploma had ging dat niet. Toen ben ik gaan leren. Ik was gemotiveerd omdat mensen in me geloofden, wilde niemand teleurstellen. Ik had alle steun, alle wind in de zeilen. Tegen m’n dochter die toen twaalf was zei ik: papa wordt docent. Dat vond ze leuk. Toen ze het ‘s avonds tegen haar moeder vertelde zei die: reken er maar niet op, je vader heeft zoveel beloofd. Dus m’n dochter wilde ik ook niet teleurstellen. Ik heb heel erg m’n best gedaan en alles gehaald. ook m’n hbo. Nu ben ik docent beeldende kunst en begeleid ik jongeren in de leeftijd van 18 tot 27 jaar. Allemaal kleine crimineeltjes. Voortijdig van school gegaan, geen werk, rommelen met drugs. Van de gemeente moeten ze hiernaartoe, die wil ze aan het werk hebben. In een traject van vier tot zes maanden proberen we ze op weg te helpen door onderwijs te geven, sport, kunst. We proberen hun gedrag te veranderen. Ze krijgen een ontbijt, warm eten. De meesten zijn niet gemotiveerd als ze komen. Maar na een paar weken willen ze vaak niet meer weg. Ik heb al snel in de gaten waar het mis zit met iemand. Vertel ze altijd mijn verhaal. En dat criminaliteit totaal niet meer loont. De techniek heeft zo’n grote slag gemaakt, daar kun je niet tegenop boksen. Als je eenmaal in het systeem van justitie terechtkomt, ben je hartstikke zichtbaar. In drugs handelen? Nee, daar zijn alleen maar verliezers. Ik laat ze merken dat het geen zin heeft. En ja, daar zijn ze ontvankelijk voor, van mij nemen het aan. We krijgen er elk jaar driehonderd over de vloer, 140 daarvan stromen positief uit. Die vinden een baan. De afgelopen twee jaar ben ik meer over mijn slachtoffers na gaan denken en besef ik wat ik mensen heb aangedaan. Ik heb spijt van wat ik heb aangericht. Een van de jongens die hier zit woont bij me in de buurt en rijdt regelmatig met mij mee hiernaartoe. Zijn vader is crimineel en heeft mensen besodemieterd. Het hele gezin werd achterna gejaagd, moest vrezen voor het leven, vaak verhuizen. Die jongen heeft daardoor PTSS. En dat scheelt eigenlijk niet zoveel met de mensen die ik bedreigd heb. Zo komen er steeds meer dingen op m’n pad waardoor ik denk: het is eigenlijk niet zo netjes wat ik gedaan heb. Twee jaar geleden kreeg ik via Facebook een berichtje van een van mijn slachtoffers. Ze had een interview met me gelezen en vroeg me of ik nog wel eens aan de slachtoffers dacht. Ik heb haar teruggemaild. Dat ik er nu spijt van had. Maar ik heb niets meer van haar gehoord. Vind ik wel jammer. Ik doe nu een post-HBO Ervaringsdeskundige. Mijn studiegenoten hebben vaak iets meegemaakt. Ik krijg nu veel meer te horen wat er allemaal loos kan zijn. Laatst (WAS DAT VOOR DIE STUDIE??) deed ik een ook een workshop waarin we moesten zeggen wat ons doel was voor 2020. Ik wil nadenken over een plek waar gedetineerden wíllen zijn. De gevangenis, dat werkt niet. Ga maar eens drie jaar zitten. Ik wil ze laten nadenken over wat hen verder brengt. Je moet jezelf een doel stellen. Jongeren begrijpen heel goed dat er in de criminaliteit niets te verdienen is. Ik wil ze laten werken, zodat ze kunnen sparen. Iemand moet kunnen klimmen en dan moet je een verdienmodel inbouwen. Zo bied je mensen kansen. Dan willen ze vanzelf in dat systeem zitten.”