In zijn straat in Teteringen is Quillermo Pellicaan een bekende verschijning; hij oefent er met een slee met gewichten waarmee hij berg op lopen simuleert.
Volledig scherm
In zijn straat in Teteringen is Quillermo Pellicaan een bekende verschijning; hij oefent er met een slee met gewichten waarmee hij berg op lopen simuleert. © Johan Wouters/Pix4Profs

Een week rennen in de Sahara

TETERINGEN - Voor de foto loopt Quillermo Pellicaan door zijn straat en sleept een slee aan, verzwaard met 60 kilo. Twee passerende dames vragen zich hoofdschuddend af ‘waar dat nou weer goed voor is’. Simpel, hun dorpsgenoot loopt van 9 tot en met 15 april mee in een van de zwaarste hindernislopen ter wereld, Le Marathon Des Sables (MDS), in Zuid-Marokko.

Twee jaar geleden begon het idee te broeien, eind 2015 hakte Pellicaan de knoop door en ging met zijn trainer Huub van Etten, voormalig surfer uit Oosterhout, zeer gericht werken aan de voorbereiding op deze onderneming. “De eerste drie dagen loop je zo’n 35-40 kilometer. Dag 4 is de koninginnerit, 85 kilometer. Moet je uren in het donker lopen met een koplamp, terwijl je niets of niemand ziet of hoort, behalve wat medelopers. Daarna heb je een rustdag, dag 6 is een ‘gewone’marathon (42 km) en dag 7 is uitlopen. Kilometer of 20.”

Jaja, uitlopen noemt hij dat. Bij MDS, waar zo’n 1200 atleten aan meedoen, ben je bijna volledig op jezelf aangewezen. Rugzak met eten, slaapspullen, kleding draag je zelf. De organisatie levert alleen water. Op rantsoen. En elke dag staan bij de finish achtpersoons bedoeïenen tenten om te overnachten.

Bizar. Dat is het zeker als je de voorgeschiedenis hoort van de bijna 42-jarige commercieel manager bij een IT-bedrijf. Zijn ouders runden een café annex cafetaria in Nieuwendijk. Bepaald geen geschikte grond voor een ultrasporter.

“Ik moest eerst ook niks van sport hebben. Omdat ik lang was, ouder leek, trok ik als 12-jarige al op met jongens van 16, die in onze zaak rondhingen en ging meeroken en drinken.”

Ook op school ging het aanvankelijk niet best, maar via havo en mbo haalde hij zijn diploma hbo informatica. “Maar dat studentenleven was ook niet zo gezond. Ik weeg nu 90 kilo bij 1.90 meter, maar ik woog ooit 25 kilo zwaarder en had toen geen spieren.”

Langzaam maar zeker ging hij gezonder leven. Stopte met roken, ging steeds fanatieker sporten. “Een echt omslagpunt was 2006, mijn eerste halve marathon.”

Zes jaar later kwam hij in aanraking met de Mud Run, een hindernisloop, waarbij je deels door de modder moet kruipen. De eerste keer 12 kilometer, daarna 18, 42. “Het werkte verslavend, ik deed aan iedere Mud Run mee.”

Het was nog niet genoeg, hij bleef wereldwijd nieuwe uitdagingen zoeken, zowel fysiek als mentaal loodzware wedstrijden met heroïsche namen als New Dawn, The Unknown, Iron Viking, Gladiator Run. En dan nu een week de Sahara in. Met 1200 zielsverwanten. Hij mikt op een plaats bij de eerste 200. “De winnaar zal wel een Marokkaantje van 60 kilo zijn, die de omstandigheden daar gewend is. Het kan overdag 45, 50 graden zijn. Zulke jongens lopen 12 kilometer per uur, inclusief pauzes, ik hoop gemiddeld 6 per uur te halen.”

Is met het lopen van de Marathon Des Sables zijn geldingsdrang, zijn honger straks eindelijk gestild? “Ik hoop dat mijn vrouw dit niet leest… Er is een soortgelijke wedstrijd in de Braziliaanse jungle. En een in Noord-Noorwegen, dus juist in de kou. Punt is, trainen is niet zo leuk. Pas als je ergens naar uit kunt kijken, is het leuk. Dus als ik wil blijven trainen, zal ik telkens weer een doel moeten hebben. Bovendien, voor duursport is 42 niet oud, kan zelfs een voordeel zijn omdat je mentaal sterker bent dan een jonge gast. En een maatje van, Jim Malinka uit Bergen op Zoom, is 62, die doet ook nog steeds dit soort dingen. Dus…”