Het resultaat is jazzy crossover, de ene keer met een Cubaans tintje, dan weer Indiaas of Afrikaans. Maar is het nu jazz of wereldmuziek?
"Ik ben vooral een jazzimprovisator, denk er verder niet over na", zegt Lotz. "Het moet muziek zijn waar ik mijn ei in kwijt kan."
Met het 'West-Afrikaanse fanfareorkest' zou hij naar Afrika gaan. Met vijftig man op toer door Mali en Senegal. Maar toen was er geen geld meer voor. Komt wel vaker voor tegenwoordig, weet Lotz, die voor veel projecten afhankelijk is van geldschieters.
"De culturele kaalslag is volop gaande, dat merk ik aan den lijve: ik heb minder optredens. Overal om me heen worden gaten geslagen."
Zo kreeg ook het Utrechtse SJU Jazzpodium, waar veel van Lotz' initiatieven gestalte kregen, te horen dat het dicht moest.
"Zo zonde, een prachtig platform voor kruisbestuivingen. Het rendement was enorm. Zo'n 80 procent van de bands die daar ontstonden gingen door."
Lotz (1963) groeide op in Bonn, in Thailand en Oeganda, en woont sinds 1986 in Nederland. Hij spreekt beter Thai en Swahili dan Duits. Zijn vader Rainer Lotz was ontwikkelingswerker, maar is ook een internationaal bekend verzamelaar van vroege jazz en wereldmuziek.
Terug in Duitsland trok zijn vader hem mee naar concerten van Herbie Hancock en Frank Zappa. Op 17-jarige leeftijd begon Lotz op de fluit en kreeg les van 'de grootste fluitist op aarde': Michael Heupel. "Nog steeds mijn mentor."
De fluit - Lotz bespeelt verschillende soorten dwarsfluiten en een zelfgemaakte 'pvc-contrabasfluit' - is geen alledaags instrument in de jazz.
"Dat is juist mijn kracht, ik probeer er een unieke stem in te krijgen."
Om een idee te geven hoe muzikale verbanden soms spontaan kunnen ontstaan noemt hij zijn 'meest hippe en geslaagde' project, de drie cd's met muzikanten uit Cuba.
"Per ongeluk ontstaan. Ik stond met Stefan Kruger van Zuco 103 in de studio. Hij werkte met een Cubaan samen, voor je het weet sta je met allerlei topmuzikanten te spelen in Havana."
Lotz speelt in tal van gelegenheidsformaties, in Breda treedt hij op met zijn 'coreband' Lotz of Music, met Albert van Veenendaal (piano), Jörg Brinkmann (cello) en de Schotse drummer Alan Purves.
Ze spelen geďmproviseerde 'onderwaterjazz' van de cd Bite!, rond het thema 'A Dutch view on fish'. Allemaal geestverwanten, zegt Lotz. "Zeker Purves, die ook voortdurend nieuwe geluiden zoekt. Met zelf gemaakte instrumenten trekt hij alle aandacht naar zich toe. Hij heeft bijvoorbeeld de 'brim bram' uitgevonden, twee versterkte sigarendoosjes met rubberbanden, waar hij de meest machtige geluiden uitkrijgt."
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




Sorteer reacties

















