Pedaalridder Manus Brinkman haalt samen met zijn vrouw herinneringen op aan Brinkmans wielerverleden. foto GPD
Tussen die Tour-beelden door zijn shots gemonteerd van De Pedaalridders, de Rotterdamse wielerclub die dit jaar zijn eeuwfeest viert. Het zijn kleurrijke wielerfanaten die furore maakten in de jaren van de wederopbouw, toen je op de fiets naar de koers ging en met kip, banaan of vis als proviand de concurrentie het snot voor de ogen probeerde te rijden.
De leden van De Pedaalridders kijken met smaak terug op hun eigen wielercarrière, laten doorschemeren dat dopinggebruik niet iets is van de laatste decennia en geven terloops hun visie op de Tour van tegenwoordig en het moderne wielrennen. In hun hartverwarmende verhalen wisselen succes en trots zich af met dramatiek en tragiek. Dat accent op De Pedaalridders tilt Van Erps documentaire uit boven een doorsnee sfeervolle achtergrondreportage.
De helden van weleer maken de film niet alleen interessant voor de Rotterdammer of de wielerfanaat, ook voor wie houdt van mooie menselijke, tragikomische verhalen. Neem Manus Brinkman, 'een legende' volgens de andere Pedaalridders en winnaar van grote wielerronden in de jaren 1948-1950. Hij moest zijn in een premiesprint gewonnen gans indertijd zelf komen ophalen. "De boer lag met zijn been in het gips. Hij zei: pak 'm zelf maar. Hij stuurde een jongen met me mee het veld in. Die dook op een vette gans. We draaiden zijn nek om, het joch liet los, de gans rende weg. Uiteindelijk lukte het ons toch."
Toen zij van Rotterdam vertrokken,
Nederland 2, 22.30 uur.




















