Veel, vooral allochtone, kinderen worden doorverwezen naar een te laag schoolniveau met negatieve gevolgen voor hun verdere ontwikkeling en kansen in de samenleving. foto Robin Utrecht/ANP
Bij de overstap naar het voortgezet onderwijs moeten kinderen drie zenuwslopende hobbels nemen.
De eerste hobbel betreft het schooladvies naar aanleiding van diverse schooltoetsen en het oordeel van de leerkrachten op basis van 8 jaar basisschool. We weten in het dagelijks leven hoeveel zaken verkeerd gaan door communicatieproblemen en inschattingsfouten en dit gebeurt ook bij leerkrachten.
De school geeft aan dat het gaat om informatie die ze over acht jaar hebben verzameld. Maar als één leerkracht een negatief beeld geeft over een jongen in groep 5, wie voorkomt dan dat dit beeld automatisch meeloopt tot en met groep 8? In hoeverre start een leerkracht met een open blik of neemt hij voetstoots het beeld over dat de vorige collega hem aanreikt? Bovendien worden kinderen die tegensputteren al snel als 'sociaal onaangepast' gelabeld. Deze kinderen krijgen meestal vmbo-advies, hoe hoog hun Cito-scores ook mogen zijn. Velen hebben als onderbouwing gehad dat hun ouders niet voldoende toegerust zijn om hen te ondersteunen in het voortgezet onderwijs.
Hoe gekleurd de blik van leerkrachten is, blijkt ook uit het rapport 'Basisschooladviezen en etniciteit' dat door de gemeente Amsterdam in januari 2007 is gepubliceerd. Allochtone leerlingen die hoog scoren op de Cito-toets krijgen vaker dan autochtone leerlingen een lager schooladvies.
De tweede hobbel is de prestatiedruk tijdens de Cito-toets. Het moet allemaal tijdens die drie dagen gebeuren. Als je zenuwachtig bent of je toevallig net niet lekker voelt, dan ben je de klos. Verder is het zo dat de toetsen zijn ontwikkeld door en voor de gemiddelde Nederlander. Alles wat niet in dat plaatje past, loopt het risico buiten de boot te vallen. Dit geldt ook voor Nederlandse kinderen uit een zwak sociaal-economisch milieu.
Een derde hobbel is de ontvangende school die eisen stelt. Bijvoorbeeld een vwo-school die een minimum Cito-score van 544 eist van nieuwe leerlingen. Op die manier wil de school de uitvalpercentages zo laag mogelijk houden en zo goede sier maken op toekomstige voorlichtingsbijeenkomsten. Een kind met 541 heeft dus een probleem om toegelaten te worden of er worden voorwaarden aan verbonden. Als zijn ouders academisch opgeleid zijn, wordt het kind wel aangenomen. Het kind krijgt voor de eigen bescherming van de school een brief met de mededeling dat hij van school af moet als hij het eerste jaar niet haalt.
Het kind in de stress en wat zijn de effecten van die brief op zijn zelfvertrouwen?
De laatste trend is dat scholen voor voortgezet onderwijs bezig zijn om kinderen verdiepingslessen te laten volgen op hun school 'om het kaf van het koren te scheiden', zodat ze het neusje van de zalm uit groep 8 kunnen paaien en aan zich binden.
Ik kom nog steeds veel te veel allochtone jongeren en volwassenen tegen die te laag zijn doorverwezen en die een onnodig lange weg hebben moeten afleggen (vmbo, mbo, hbo) om uiteindelijk een universitaire opleiding te halen. Blijkbaar konden ze het dus wel, alleen zag de schoolomgeving hun potenties in eerste instantie niet. Sommigen hadden voldoende doorzettingsvermogen om die lange weg te volgen.
Enkelen kregen veel steun van hun ouders en hebben de langste weg alsnog gevolgd om uiteindelijk een hbo of universitaire opleiding af te ronden. Anderen waren minder bevoorrecht. Ze hadden niemand die hen ondersteunde, stimuleerde of in hen geloofde. Om wat voor reden dan ook, zijn ze de weg kwijtgeraakt, maakten de opleiding moeizaam af of verlieten de school vroegtijdig. Hierdoor blijft ontzettend veel potentieel onbenut en gaat verloren. Doodzonde!
Het kind moet weer centraal staan! De instrumenten zijn daarbij niet meer dan een hulpmiddel. We moeten op zoek gaan naar de ware talenten van kinderen en hen uitdagen om de grenzen van hun kunnen te verleggen.
De rol van hun ouders en leerkrachten, vanwege hun partnerschap in de ontwikkeling van het kind, is daarbij essentieel. Bij Palet, adviseurs diversiteit, ondersteunen we ouders en scholen, zodat zij gelijkwaardige gesprekspartners worden binnen de school. Op die manier wordt de kans op een evenwichtiger advies vele malen groter. Hierdoor kan de lijn van onterecht lage doorverwijzingen eindelijk eens worden doorbroken.
drs. Marom Ayoubi is onderwijsadviseur van Palet, adviseurs diversiteit.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.

Niet beschikbaar!

Sorteer reacties











