DEN HAAG - Het Openbaar Ministerie acht de 47-jarige Oosterhoutse Betty B. na jaren van rechtszaken nu schuldig aan 'medeplichtigheid' aan de moord op Tinka van Rooij in 2004. De advocaat-generaal bij het gerechtshof in Den Haag eist tegen B. een gevangenisstraf van zes jaar. Het is al de zesde keer dat Betty B. voor de moord op Tinka voor de rechter moet verschijnen.
Zie ook:
In eerste aanleg sprak de rechtbank in Breda haar vrij en dat vonnis werd in hoger beroep door het gerechtshof in Den Bosch bekrachtigd.
Op last van de de Hoge Raad, die een vormfout vaststelde, moest de strafzaak echter opnieuw worden gedaan en wel door het gerechtshof in Arnhem. Dat legde de Oosterhoutse vrouw in 2008 een gevangenisstraf van zes jaar op.
Het Arnhemse Hof achtte bewezen dat B. van het moordplan heeft geweten en niet heeft ingegrepen. Ook achtte het Hof bewezen dat ze de auto waarin het lijk van Tinka was vervoerd later heeft schoongemaakt.
De Hoge Raad was het echter ook met deze uitspraak niet eens. Volgens de Hoge Raad volgt uit het bewijs niet dat B. medepleger is van de moord.
De aanklager van het gerechtshof in Den Haag, die de zaak nu op zijn bord heeft gekregen, heeft de verdenking teruggeschroefd van 'medeplegen' naar 'medeplichtigheid'. "Maar dat is maar een juridisch etiketje. De rol van B. is voor mij niet minder geworden."
Advocaat Adam Doesburg bepleit vrijspraak. Volgens hem is aan de verklaringen van de reeds veroordeelde drie verdachten van de moord (straf: twaalf tot achttien jaar) geen bewijs tegen B. te ontlenen. "In elk geval niet de overtuiging dat zij er iets mee te maken heeft." Uitspraak 18 juli.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.

Niet beschikbaar!


















