Intussen is de enige officiële bron van informatie de Rijksvoorlichtingsdienst. Wijzer word je daar niet van, de dienst verstuurt nietszeggende sms'jes: 'Informateurs en fractievoorzitters vergaderen vandaag drie dagdelen'. Een toelichting wordt niet gegeven. Zwijgzaamheid is geboden om het 'proces niet te verstoren', heet het.
Nee, dan de jaren zeventig. Uit dat tumultueuze tijdperk in de vaderlandse politiek is de term 'formeren op straat' afkomstig. Sommige onderhandelaars klapten buiten prompt uit de school over de overwinningen die ze aan de formatietafel hadden bereikt. De pers tikte dit gretig op, wat weer tot scheve gezichten leidde bij de anderen, stelt hoogleraar parlementaire geschiedenis Carla van Baalen van de Radboud Universiteit. "Hun ergernis was groot: alsof zij niets voor elkaar hadden gebokst."
De vorming van het kabinet-Den Uyl vlotte dan ook niet, temeer omdat PvdA-informateur Jaap Burger stukken lekte naar de pers. "Hoogst ongebruikelijk", aldus Van Baalen, al paste de werkwijze volgens haar in de tijdgeest. "Eind jaren zestig, begin jaren zeventig stonden in het teken van de 'nieuwe politiek'. Weg met de achterkamertjes, openheid moest er zijn. Daar was men bewust mee bezig." Begin jaren tachtig, na een periode van zeer moeizame formaties, werden bij de totstandkoming van Lubbers I de achterkamertjes weer opgezocht. Sindsdien is mediastilte een beproefd middel. De pers wordt op gezette tijden bijgepraat door de informateur(s), maar veel informatie ('er wordt constructief overlegd') wordt niet verstrekt.
In 2007 bereikte deze gesloten procedure een nieuw hoogtepunt. Onder leiding van informateur Herman Wijffels trokken CDA, PvdA en ChristenUnie zich terug op landgoed Lauswolt in Beetsterzwaag. De CU bewaart daar goede herinneringen aan. Toenmalig onderhandelaar André Rouvoet: "Zo voorkom je dat je tegen de camera's voortdurend nietszeggende antwoorden moet geven. Geslotenheid is onvermijdelijk."
Arie Slob, die Rouvoet als secondant bijstond, waarschuwt: "Hoe meer mensen het weten, hoe groter het gevaar dat er iets uitlekt." Informatie die bij de formatie van Balkenende IV ondanks de strenge radiostilte toch naar buiten kwam, zorgde voor danige verstoring van de onderhandelingen, herinnert Slob zich. "Dan begon de ochtendsessie met de vraag: 'wie heeft het gelekt?' Het antwoord was steevast: 'niemand'. Al konden we er allemaal een naam bij bedenken."



Sorteer reacties















