Haringschoonmaaksters in Vlaardingen. Allochtonen werken vaak met tijdelijke contracten of via uitzendbureaus. foto Rick Nederstigt/ANP
Meer dan dertien jaar werkte Ali Osman Yildirim (46) bij de telefoonmaatschappij British Telecom in Amsterdam, als contractmanager.
Toen sloeg de crisis toe, vielen de bedrijfsresultaten tegen en moesten er mensen uit. Yildirim verloor afgelopen najaar samen met ruim honderd anderen zijn baan."Het bedrijf deelde iedereen in bij een bepaalde leeftijdsgroep en functie. In mijn categorie had ik de minste jaren ervaring, dus verloor ik mijn baan." Althans, dat is de officiële lezing. Yildirim – inmiddels vijf maanden werkloos thuis – heeft 'sterk het vermoeden' dat er een andere factor een rol speelde: zijn Turkse afkomst.
Niet dat hij eerder veel met discriminatie te maken had – behalve een chef 'die het niet zo op buitenlanders had' viel het wel mee. "Het is moeilijk hard te maken, maar mijn afkomst heeft ongetwijfeld meegespeeld bij mijn ontslag. Als je kijkt wie de afgelopen twee jaar zijn vertrokken, dan heeft het bedrijf heel veel buitenlanders eruit gewerkt."
Van elke duizend allochtonen verloren er sinds het uitbreken van de crisis 43 hun baan, tegenover dertien autochtone Nederlanders. De meest genoemde oorzaken: ze hebben vaker een tijdelijk contract en een kortere werkgeschiedenis bij de organisatie, dus zijn ze bij ontslagen als eersten aan de beurt.
Daarnaast speelt discriminatie een grote rol, zegt Hans Siebers, universitair hoofddocent Organisatiewetenschappen aan de Universiteit van Tilburg en gespecialiseerd in multiculturaliteit op de werkvloer. "Tijdens elke recessie vliegen mensen uit een minderheidsgroep er veel eerder uit dan autochtonen. Uitsluiting en etnische ongelijkheid speelt niet alleen bij sollicitaties. Ook als de allochtoon eenmaal binnen is, krijgt hij veel minder kansen tijdens zijn loopbaan." Hoewel de werkloosheid onder niet-westerse allochtonen in de hoogconjunctuurperiode vanaf 2005 spectaculair daalde – van 16,4 naar 7,7 procent – bleef die fors hoger dan onder autochtonen. In december vorig jaar was de werkloosheid bij allochtonen al weer 11 procent, bij autochtonen 4.
Siebers: "De werkloosheid onder minderheden is altijd twee tot drie keer zo groot. Dat is een heel taaie statistiek."
Mustafa Barmanpek was frezer bij bouwbedrijf Poorthuis in Oldenzaal. Hij denkt ook dat zijn Turkse afkomst een rol speelde toen hij in september zijn baan kwijtraakte. "Afkomst bepaalde zo'n 35 procent van de beslissing, denk ik." Hij was de enige van zijn afdeling die ontslagen werd. Eerder voelde hij zich niet gediscrimineerd, dat gevoel kwam pas toen zijn baan op het spel kwam te staan.
Volgens Martha Meerman, organisatiepsycholoog van het Amsterdams Instituut voor Arbeidsstudies, is discriminatie van allochtone werknemers van alle tijden. Maar ook wanneer geen sprake is van discriminatie, kunnen allochtonen dat wel zo ervaren. "Mensen zoeken dan een verklaring: waarom moet ik eruit en mijn collega niet? Dan leggen ze de schuld heel vaak buiten zichzelf."
Barmanpek is in zijn twintigjarige carrière vaker werkloos geraakt. "Dat is opvallend: bij al mijn contracten was ik na een jaar of drie, vier weer aan de beurt. Altijd als het even slechter ging met de economie, was ik de eerste die eruit vloog, omdat ik het kortst in dienst was."
Nu is hij 47 en beginnen de vele veranderingen behoorlijk vervelend te worden. "Over een paar jaar ben ik te oud om weer wat anders te vinden." Deze keer is het wel gelukt: sinds begin deze maand heeft Barmanpek weer werk. Tijdelijk, dat wel.


Sorteer reacties

Heeft u nieuws, tips of foto's?














