Zie ook:
Het ging Groenink gisteren te ver om de goedkeuring achteraf een kapitale blunder te noemen. Na de overname begon de ellende voor ABN Amro. Al snel bleek dat Fortis zich financieel aan de overname had vertild, waardoor de staat met miljarden over de brug moest komen. Volgens Groenink was de overheid beter af geweest als die indertijd akkoord was gegaan met een samengaan van ABN en het Britse Barclays, zoals de bank zelf wilde. Barclays kwam de kredietcrisis zonder kleerscheuren door.
De staat had zich dan 30 miljard euro kunnen besparen, zei Groenink beslist.
Groenink zei dat hij zich van meet af aan tegen de overname door het bankentrio heeft verzet. Terugkijkend vindt hij dat hij had moeten aftreden als bestuursvoorzitter van ABN. Ook bij de raad van commissarissen vond hij destijds geen gehoor. De interne toezichthouder maakte zich drukker om de aandeelhouders, zei hij, en die groep profiteerde uiteindelijk flink.
Maar hoe kon het nu dat de grootste bank überhaupt 'een prooi werd voor cowboys', wilde de commissie weten. Groenink zei dat hij de lat te hoog had gelegd. Hij wilde ervoor zorgen dat de bank internationaal tot de top-5 zou gaan behoren, een ambitie die niet haalbaar bleek. Na 2005 ging het mis. "Er was sprake van zware doelstellingen en achteraf had ik sneller moeten doorpakken met het opschonen van de balans."
Weinig bankiers hebben tijdens de crisis zo onder uit de zak gekregen als Groenink. Er werd schande gesproken van de 24 miljoen die hij bij zijn vertrek meekreeg. Of dat bedrag niet wat te veel was, vroeg de commissie.
Groenink volstond ermee te zeggen dat hij zijn premie met 'met een grote mate van woestheid' heeft geaccepteerd.


Sorteer reacties















