Tieners wachten voor de ingang van een winkel op de release van een nieuwe game terwijl ze een andere game spelen. foto Kiichiro Sato/AP
Als het leven Nouri (24) even te zwaar werd, zette hij de computer aan om een spelletje te spelen.
Het was voor hem de perfecte manier om de realiteit te ontvluchten. "Ik ben begonnen met het spelen van games omdat er in mijn leven dingen gebeurd zijn waar ik liever niet constant aan wil denken", vertelt Nouri in het nieuwe boek It's all in the games van verslavingsdeskundige Herm Kisjes en medeauteur Erno Mijland.Volgens onderzoeksinstituut IVO is bijna tachtig procent van de Nederlandse jongeren in de eerste vier klassen van het middelbaar onderwijs wekelijks of vaker bezig met het spelen van videospelletjes. Kinderen leren spelenderwijs Engels, omdat dat vaak de voertaal is in de spellen, ook leren ze in oplossingen denken. Videospelletjes spelen heeft zeker positieve effecten, betogen Kisjes en Mijland in hun boek.
Maar er is een schaduwzijde. Uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat vele duizenden jongeren, vooral jongens, verslaafd zijn aan games.
Meestal spelen er andere problemen – pesten, eenzaamheid, thuissituatie – waardoor een tiener zijn toevlucht zoekt in een virtuele wereld.
Het probleem blijft grotendeels verborgen omdat maar weinig verslaafden professionele hulp zoeken. Privéklinieken als Smith & Jones en CrisisCare in Amsterdam behandelen al enkele jaren jongeren die hun gamegedrag niet in de hand hebben.
Ouders zien wel dat hun kind heel lang achter de spelcomputer zit en 'weg is van deze wereld', maar weten vaak niet hoe ze moeten ingrijpen. "Je kan gelijk in de gordijnen klimmen als je kind gamet. Maar beter is eerst te kijken hoe vaak hij het doet, wat hij speelt en of hij blijft doorgaan", zegt Martin Reddemann van zorginstelling Novadic Kentron.
Ouders moeten vragen stellen, interesse tonen. "Waarom speel je dit spel? Wat is er leuk aan? Kijk of het kind ook nog interesse heeft voor andere dingen. Dat is een goed teken."
Gamer Steph Jansen (30) speelde vroeger ook abnormaal veel, maar beschouwt zich niet als verslaafde. "Mijn schoolprestaties leden onder mijn gedrag. Maar je moet een balans vinden", zegt Jansen, die nu grote game-evenementen organiseert. "Ik heb met mezelf afgesproken geen 'nee' te zeggen wanneer vrienden willen zwemmen. Gamen is leuk, maar met mate."


Sorteer reacties
Heeft u nieuws, tips of foto's?















