Voor de rest was de top een beetje een herhaling van zetten. Zo vielen vurige pleidooien te beluisteren over vermindering van regels en over snellere procedures. Ook is inmiddels het kwartje van de beperking gevallen: van het naar voren halen van overheidsinvesteringen om de economie op gang te houden, moeten de mensen maar niet te veel verwachten, zo erkende economiewethouder Els Aarts van Breda. Procedures, namelijk.
Aarts en Breda's burgemeester Peter van der Velden kregen bloemen van 'de buren' van Etten-Leur. Want deze 'top' was toch hun feestje op de dag dat Breda en de regio het logistieke topinstituut wisten weg te kapen voor de neuzen van bestuurders van Amsterdam en Rotterdam. Van der Velden benutte deze overwinning om de zaal nog eens goed in te peperen welke kwaliteiten West-Brabant te gelde kan maken als er doeltreffend wordt samengewerkt. In die zaal: pakweg anderhalf dozijn ondernemers en voor de rest 'hulpverleners' van overheids- of onderwijshuize, zoals Ad Vos van Sabic het gezelschap prikkelend schilderde.
Bedrijven in de regio duiken de malaise in, zo leren het toenemend (plus vijftien procent) aantal faillissementen de oplopende werkloosheidscijfers: dat staat op 15.000. Dan zitten er ook nog 3500 werknemers van dertig bedrijven in de 'werktijdverkorting'. Aan de vraaguitval die de bedrijven in de moeilijkheden brengen, kunnen overheid en onderwijs niet veel doen. Het gaat vooral om beperking van schade: dus kennis en ideeën snel beschikbaar maken, maatwerkopleidingen bieden die worden gevraagd, soepel met scholings en WW-budgetten manoeuvreren en vooral ook: niet te hooggespannen verwachtingen wekken. Dat lukte in deze tweede 'top' vrij goed.


















