Zie ook:
Om de Nederlandse overheid in 2002 over de streep te trekken, hebben deze bedrijven beloofd het financiële gat te zullen dichten tussen de keuze voor een bestaande (Europese) jager, of voor de hypermoderne JSF waarvan toen alleen nog een ontwerp op de tekentafel bestond.
Nederland stak ruim 800 miljoen euro in de JSF-deelname, bijna 200 miljoen meer dan op dat moment de aanschaf van bestaande jagers zou hebben gekost. Geen punt, zei het bedrijfsleven: schiet maar voor, wij betalen bij het binnenslepen van compensatieorders wel terug.
Dat resulteerde in een afspraak dat van de JSF-orders uiteindelijk 3,5 procent zou worden teruggestort in de staatskas.
Op 1 juli wordt die afspraak tegen het licht gehouden.
Het bedrijfsleven vindt dat er eigenlijk geen 'gat' meer is waarvoor het zou moeten betalen. Er moet veel meer worden meegerekend dan die 3,5 procent - 200 miljoen euro.
Het 'gat' wordt inmiddels geraamd op 300 miljoen euro - maar er is ook veel extra belastinggeld binnengekomen bij de staat. En dus kan die hele terugbetalingsregeling wel worden geschrapt, vinden de bedrijven. Het is maar hoe je rekent, maar er is één potentiële gedupeerde: de Nederlandse belastingbetaler.
Even vooraf: het hele JSF-project is gehuld in verschillende soorten mist. De Amerikaanse rekenkamer GAO heeft al verscheidene malen aan de bel getrokken: het project loopt vertraging op, de kosten stijgen, de afrekeningen met buitenlandse partners worden steeds schimmiger.
Ook in Nederland heeft de Algemene Rekenkamer al gewaarschuwd. Het is volstrekt onvoorspelbaar wat de stuksprijs van het toestel uiteindelijk zal zijn. De laatstgenoemde prijs is ongeveer 171 miljoen euro per stuk. De concurrenten staan afhankelijk van de uitvoering voor 80 tot 120 miljoen euro in de catalogus.
De projectie van 5,7 miljard euro voor 85 toestellen is boterzacht.
Een tweede soort mist is die van de praktische uitvoering. De JSF is bedoeld voor zowel de Amerikaanse luchtmacht als de marine, als het afzonderlijke marinierskorps. Die hebben elk verschillende specificaties op gebied van gewicht, bewapening, steil starten of juist niet, etcetera. Elke ontwerper begrijpt dat een kruising van een sportauto en een landbouwtrekker nimmer leidt tot het beste van beide.
In 2002 werd gedacht dat er in 2007 al een dozijn testtoestellen zou rondvliegen. Voorjaar 2008 wordt één met de hand gebouwd prototype gekoesterd: het ding vliegt, maar wel erg op zijn gemak, uit angst voor nog meer problemen.
De derde soort mist komt vandaag aan de orde. Hoe zit het nu eigenlijk met de Nederlandse financiële bijdrage aan dit hightech wapen? Nederlandse bedrijven tamboereren op hun vermogen mee te doen aan de bouw van het vliegtuig van de komende halve eeuw. Voorzitter Arie Kraaijeveld van lobby-organisatie Nifarp: "Er is voor een miljard euro aan orders binnen gehaald!"
Prima, dus die 3,5 procent is geen probleem? Kan het misschien nog wat meer worden, nu het voorschieten zo'n succes is gebleken? "Nou, dat is maar de vraag. Volgens ons heeft de Nederlandse overheid veel meer geld aan deze deal verdiend dan die 800 miljoen van destijds. Misschien valt er wel helemaal niks te dichten qua gat, en heeft Nederland zijn voorschot al dubbel en dwars terugverdiend." Kraaijeveld wil niet vooraf zeggen dat het bedrijfsleven helemaal af wil van de terugbetaalregeling. Maar de schijn daarvan wegnemen wil hij ook niet: "Die onderhandelingen voer ik niet via de krant." De ministeries van Defensie en van Economische Zaken houden vooralsnog vast aan de bestaande regeling en sluiten bij 'herijking' niets uit. Maar ook zij durven niets te zeggen over de uitkomst van lopende begrotingen, laat staan over toekomstige. "Wij doen niet aan koffiedik kijken," aldus een betrokkene.
Vandaag zal blijken of de belastingbetaler van de Tweede Kamer iets meer zicht tussen de mistflarden door kan verwachten.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




















